Auteur: Maaike Bouwknegt

  • Couscoussalade met gegrilde groenten, feta & walnoten

    Couscoussalade met gegrilde groenten, feta & walnoten

    Ik ben zelf echt een groot fan van couscous, omdat je er zo ongelooflijk veel mee kan. Ik houd echt van die gerechten waar je alle laatste restjes uit de koelkast in kan doen en het resultaat dan nog succesvol is ook. Verschillende soorten groenten, noten, kazen, pesto, tapenade, tomatenpuree, olijven, vlees, vis, vega… je kan er echt zoveel mee doen. En daarbij vind ik het ook mega chill dat je couscous zo goed kan bewaren. Misschien is het een dag of 2 later zelfs wel lekkerder!

    Voor dit gerecht heb ik gekozen voor een aantal populaire groenten hier: ui, paprika, venkel en wortel. In Nederland kookte ik vroeger eigenlijk nooit met venkel, maar hier in Sicilië ben ik deze groente echt gaan waarderen. Geen enkele groenteboer hier is compleet zonder venkel, en vaak zijn de exemplaren hier zo groot als je hoofd. Ze zagen er zo intrigerend uit dat ik er maar mee ben gaan experimenteren en ik ben helemaal om! Heerlijk!

    Voor 4 personen:
    – 250 gram couscous
    – 350 mL groentebouillon OF 1 bouillonblokje + 350 mL water
    – 100 gram feta
    – 60 gram walnoten (ongezouten)
    – 50 gram zongedroogde tomaten
    – 1/2 komkommer (ca. 200 gram)
    – 150 gram wortelen
    – 1 puntpaprika
    – 1 venkel
    – 1 ui
    – 1 eetlepel honing
    – 3 eetlepels olijfolie (extra virgin)
    – 2 eetlepels tomatenpuree
    – 1 eetlepel gedroogde thijm
    – 2 takjes rozemarijn
    – paar blaadjes munt ter decoratie

    1. Oven verwarmen: Verwarm de oven voor op ca. 190°C en bereid een bakplaats voor met bakpapier.

    2. Bereid de ovengroenten: Schil de wortel en ui, snijd stelen en onderkant van de venkel en verwijder de zaadlijsten en topje van de paprika. Snijd alle groenten op een grootte van ongeveer 1 bij 1 centimeter. Ui is altijd eerder gaar dan de meeste andere groenten, dus deze mag wat groter gesneden worden of je kan ervoor kiezen om de ui later (na 15 minuutjes) toe te voegen. Alle groenten mogen dan bij elkaar in een grote kom. 

    3. Bak de ovengroenten: Voeg aan de kom met groenten de olijfolie, honing, tijm en een beetje zout. Meng dit allemaal goed door elkaar zodat alle groenten bedekt zijn. Stort de groenten daarna op de bakplaat en leg als laatst de takjes rozemarijn op de groenten. Bak de groenten in ca. 30-40 minuten tot ze goed zacht zijn en een kleurtje hebben. Laat ze even afkoelen voordat je ze bij de rest van de ingrediënten voegt.

    4. Maak de couscous: Weeg de couscous af en doe dit een grote kom waar je uiteindelijk de couscous salade in gaat serveren. Zet 0,5L water aan de kook en voeg hier daarna het bouillon blokje aan toe. Je kan er natuurlijk ook voor kiezen om een halve liter kant en klare bouillon te gebruiken. Zodra het bouillonblokje goed is opgelost giet je dit over de couscous heen. Roer goed door en laat dit ca. 10 minuutjes staan om af te koelen.

    5. Snijd de overige ingrediënten: Snijd ondertussen de komkommer in de lengte door en verwijder met een lepel de binnenkant. Dit is nat en zacht en zorgt ervoor dat de couscous dus ook een andere structuur krijgt. Snijd de komkommer in dunne halve maantjes en hak de walnoten fijn (niet al te fijn, want die crunch van de walnoten zorgt voor een heerlijke afwisseling in de salade). Snijd als laatst de zongedroogde tomaten in dunne reepjes en de feta in blokjes van ca. 1 bij 1 centimeter.

    6. Voeg alles samen: Roer met een vork de couscous goed door zodat hij lekker los komt. Als er nog wat klontjes in zitten kan je er een beetje olijfolie bij voegen en als hij nog wat hard is kan je nog een beetje bouillon of heet water bij voegen. Roer daarna de tomatenpurree erdoorheen en zorg dat deze goed verdeeld is. Zodra de groenten uit de oven klaar en afgekoeld zijn verwijder je de rozemarijn en samen met de komkommer, walnoten en zongedroogde tomaten, roer je dit door de couscous. Zorg dat alles goed verdeeld is en strooi als laatst de feta en de munt over de salade heen. Buon appetito! 

    Bram wordt ongeduldig, want deze fotoshoot duurt ondertussen al een uur
    De grootte van Alessandro zijn hap zegt wel genoeg
    De kippen genieten lekker van de restjes
    Alles voor die perfecte foto
    Tada!! wat een plaatje!
    De rozemarijn vers uit de tuin geplukt

  • Risotto met venkel, doperwten en citroen

    Risotto met venkel, doperwten en citroen

    Italiaanse keuken – 4 personen – voorbereiding: 00:10, totale kooktijd: 01:00 uur


    Oké, toen ik besloot mijn eigen foto’s toe te voegen aan deze blogs wist ik niet dat het zo moeilijk was om een bord risotto er lekker uit te laten zien. Ik weet dat het er met de doperwtjes niet heel smakelijk uit ziet en ik heb nog wel zo mijn best gedaan… Maar! laat dit je alsjeblieft niet tegenhouden om het te proberen, want risotto is ZO lekker! Geloof het of niet, maar je kan mij echt elke avond een bord heerlijke risotto geven. Mh.. oké, misschien is op het heetst van de zomer (als het hier 45 graden is) een heftig warm bord vol met risotto niet mijn eerste keus, maar voor alle andere dagen wel. Jammer dat het niet de aller gezondste optie is. Maar om mezelf dan toch wat beter te laten voelen gooien we er maar een goede dosis groenten in. En eigenlijk valt het me nog reuze mee als ik kijk naar de voedingswaarden.

    Bij het maken van de bouillon ga ik uit van ongeveer 1 : 3, dus bij 100 gram risottorijst gebruik ik meestal 300 gram bouillon. Meestal zorg ik er wel voor dat ik een beetje extra bouillon heb, zodat ik nog wat kan toevoegen indien nodig. Je kan natuurlijk op het laatst ook een beetje heet water gebruiken als je bouillon op is en geen zin hebt om het opnieuw te maken, maar het is natuurlijk wel wat minder smaakvol.

    Voedingswaarde

    Energie579,5 kcal
    Vet
    – waarvan verzadigd
    18,8 g
    – 4,5 g
    Koolhydraten
    – waarvan suikers
    37 g
    – 8 g
    Vezels4 g
    Eiwitten17,4 g
    Zout0,9 g
    Overzicht totale voedingswaarde gerecht (per portie van ca. 300 gram)


    Voor 4 personen

    • 300 gram risottorijst
    • 2 blokjes groentebouillon OF 1L groentebouillon
    • 1 venkel
    • 2 uien
    • 3 tenen knoflook
    • 1 citroen
    • 100 gram parmigiano reggiano (geraspt)
    • 1 e.l. roomboter
    • 2 e.l. olijfolie (extra virgin)
    • 100 mL droge witte wijn
    • Optioneel: bosui of zongedroogde tomaatjes ter decoratie

    1. Groenten snijden: Snijd de ui in kleine blokjes en pers of snijd de knoflook fijn. Verwijder het groen en het kontje (en eventueel buitenste laagje) van de venkel en snijd deze in blokjes. De venkel mag je nog even apart zetten. 
    2. Bouillon opzetten: Bereid de bouillon. Als je kant-en-klare bouillon gebruikt hoef je deze alleen op te warmen, en als je met bouillon blokjes werkt, moet je het water vast laten koken en zorgen dat de blokjes goed zijn opgenomen in het water en er geen klontjes inzitten. Meestal gebruik je 1 bouillon blokje voor 500mL water en voor dit recept (4 personen) hebben we het dubbele nodig. Het maakt niet uit wat je gebruikt, als je maar 1L bouillon hebt. Nog een tip: zorg dat je de wijn vast open hebt (indien het met kurk is), zodat je deze straks direct kan gebruiken.
    3. Knoflook en ui fruiten: Zet een middelgrote pan op het vuur en voeg dan de olijfolie toe. Fruit in ca. 2-3 minuutjes de ui en knoflook op een laag vuurtje. Zorg dat je ze niet in een hete pan bruin bakt, maar laat ze echt rustig op een laag vuurtje een paar minuutjes garen.
    4. Venkel toevoegen: Zodra de ui glazig en zacht is geworden voeg je de blokjes venkel toe. Deze bak je ook ongeveer 2-3 minuutjes mee.
    5. Risotto toevoegen: Zet het vuur nu iets hoger, op middelhoog vuur en laat de groentjes nog even 1-2 minuutjes bakken. Voeg daarna de risottorijst toe aan de pan en blijf roeren. De rijst bak je ook ongeveer 2 minuutjes mee. Je ziet het als de rijst klaar is, als de korrels niet meer wit zijn, maar een beetje glazig beginnen te worden.
    6. Wijn en bouillon toevoegen: Blus dit af met een flinke scheut witte wijn en blijf goed roeren. Wacht tot het vocht is opgenomen tot je overgaat op het toevoegen van de bouillon. Zet het vuur ook weer wat zachter, zodat het rustig pruttelt. De truc met risotto is om niet alle bouillon in één keer toe te voegen, maar beetje bij beetje. Giet elke keer een scheut bouillon bij de rijst en wacht tot het vocht is opgenomen voordat je nieuwe bouillon bijvoegt. Dit blijf je herhalen totdat de rijst klaar is (af en toe proeven en als er geen harde korrel meer inzit is hij klaar). Dit duurt ongeveer 25 minuten. Zorg dat je er de hele tijd bij blijft en dat je goed in de pan en over de bodem blijft roeren. De balans is lastig, want je moet ook niet te veel roeren, want dan wordt het een papje. Voeg bouillon toe, roer even goed door en laat het dan lekker rusten terwijl je af en toe even kijkt en roert. Als hij klaar is zet je het vuur op het laagste standje.
    7. Overige ingrediënten toevoegen: Halveer de citroen en voeg het sap en de zest van de halve citroen door de risotto. De andere helft kun je in plakjes snijden voor de garnering of je kan als laatst nog een beetje zest over de risotto strooien voor het opdienen. Rasp de kaas en voeg als laatst ook de kaas, boter en doperwten door de risotto. Roer alles goed door.
    8. Garnering: Maak de risotto helemaal af met een schijfje citroen, zest van de citroen, bosui of zongedroogd tomaatje (of allemaal) en buon appetito!